Bezwaar maken hoe doe je dat?

Bijleenregeling, wanneer is deze van toepassing.




Als u of uw fiscale partner een eigen woning verkoopt, hebt u misschien te maken met de bijleenregeling. Koopt u een andere eigen woning en heeft uw oude woning overwaarde? Dan is uw (hypotheek)renteaftrek misschien beperkt door de bijleenregeling.


Bijleenregeling


Als u uw eigen woning verkoopt en een andere woning koopt, kan dat gevolgen hebben voor uw (hypotheek)renteaftrek. Meestal is de schuld voor de oude woning lager dan de verkoopopbrengst: de woning heeft dan overwaarde. U mag alleen rente aftrekken over een lening voor het deel van de aankoopprijs van de nieuwe woning dat hoger is dan de overwaarde van de oude woning.


Eigenwoningschuld, eigenwoningreserve en overwaarde


De eigenwoningschuld is het bedrag van de lening(en) voor de eigen woning waarover u rente mag aftrekken in box 3. Het gaat om de (hypotheek)schuld die u afsluit voor:


  • de aankoop
  • de aankoopkosten
  • de verbetering en het onderhoud
  • de afkoop van de rechten van erfpacht, opstal of beklemming






Het bedrag van de leningen waarover u rente mag aftrekken, wordt beperkt door de eigenwoningreserve. De eigenwoningreserve is het bedrag waarvoor u geen eigenwoningschuld mag aangaan. De eigen woningreserve ontstaat als de oude woning bij verkoop een vervreemdingssaldo (hierna: overwaarde) heeft. Als u al een eigenwoningreserve hebt, voegt u de overwaarde hieraan toe. Als u nog geen eigenwoningreserve hebt, is de eigen woningreserve gelijk aan de overwaarde. De overwaarde is wat u overhoudt als u de eigenwoningschuld voor de oude woning aftrekt van de netto opbrengst. Voorbeelden van aan en verkoopkosten zijn makelaarskosten, overdrachtsbelasting en notariskosten in verband met de overdracht. Onder de verkoopkosten vallen ook de kosten voor het verplichte energielabel.

Kosten die samenhangen met de financiering van de woning, zoals de afsluitprovisie en de notariskosten voor de hypotheekakte zijn geen aan en verkoopkosten. Deze financieringskosten kunt u meestal in de aangifte aftrekken bij de vragen over de eigen woning.


Let op!


U mag de meegefinancierde financieringskosten alleen als een deel van de lening voor de eigenwoningschuld beschouwen bij aankoop van uw eerste eigen woning. In andere gevallen mag u de meegefinancierde financieringskosten niet beschouwen als een deel van de lening voor de eigenwoningschuld.


Is de eigenwoningreserve negatief? Of hebt u geen eigenwoningreserve? Dan is de rente aftrekbaar over uw volledige lening voor de aankoop.


Voorbeeld


Uw nieuwe woning kost € 100.000 en u hebt een eigenwoningreserve van € 20.000. U kunt dan voor € 80.000 een lening afsluiten. De rente is aftrekbaar in box 1. Leent u niet voor € 80.000, maar voor € 100.000? Dan kunt u over € 20.000 geen rente aftrekken.


Uw eigenwoningschuld kan dus niet hoger zijn dan de aankoopsom van uw woning, min de eigenwoningreserve. De eigenwoningreserve neemt dan af.


De eigenwoningreserve neemt ook af als u deze gebruikt voor:


  • de aankoop van een volgende eigen woning
  • de aflossing op de geldlening (niet voor de aflossing bij verkoop en de aflossing op een overbruggingskrediet)
  • de kosten voor verbetering en onderhoud
  • de afkoop van de rechten van erfpacht, opstal of beklemming


Voor de afname van de eigenwoningreserve door kosten voor verbetering en onderhoud en de afkoop van de rechten voor erfpacht, opstal of beklemming maakt het niet uit of u deze kosten met eigen geld betaalt. Als u er geld voor leent, kunt u alleen het deel van de lening dat hoger is dan uw eigenwoningreserve bij uw eigenwoningschuld tellen. Hebt u geld geleend voor onderhoud en/of verbouwing van de eigen woning? En hebt u het geld nog niet gebruikt? Dan hoort het deel van de lening dat hoger is dan de eigenwoningreserve tot 6 maanden na het afsluiten ervan toch tot uw eigenwoningschuld.





Daarna behoort het deel van de lening dat u nog niet voor het onderhoud en/of de verbouwing gebruikt hebt tot box 3. Als de lening voor het onderhoud en/of de verbouwing op een aparte rekening staat, een verbouwingsdepot, dan hoort het deel van de lening dat hoger is dan de eigenwoningreserve maximaal 2 jaar lang tot uw eigenwoningschuld. Dit geldt alleen voor periode waarin het onderhoud en/of de verbouwing plaatsvindt. Als het onderhoud en/of de verbouwing eerder eindigt, dan hoort het restant tot box 3.


Voorbeeld


U hebt een eigenwoningreserve van € 35.000 en lost € 7.500 af op uw eigenwoningschuld. Daarna gaatu voor € 15.000 verbouwen.


Stand eigenwoningreserve   €     35.000

Aflossing eigenwoningschuld  €  - 7.500

Onderhoudskosten       €  - 15.000

Stand nieuwe eigenwoningreserve  €     12.500


Hebt u een eigenwoningreserve en is de overwaarde negatief, dan trekt u dit bedrag van de eigenwoningreserve af.


De eigenwoningreserve vervalt na vijf jaar. Is uw eigenwoningreserve uit meerdere verkopen opgebouwd, dan vervalt elk deel afzonderlijk na vijf jaar. De eigenwoningreserve vervalt ook als u overlijdt.Als u de stand van uw eigenwoningreserve aan het einde

van het kalenderjaar wilt weten, kunt u hiervoor een beschikking bij ons aanvragen.



Binnen 5 minuten klaar! Download hier uw voorbeeld bezwaarschrift.

Voor welke type bezwaar kunt u deze gebruiken?

  • Bezwaarschrift omzet belasting
  • Bezwaarschrift kinderopvangtoeslag
  • Bezwaarschrift WOZ
  • Bezwaarschrift inkomstenbelasting
  • Bezwaarschrift navorderingsaanslag
  • Bezwaarschrift belastingdienst
  • Bezwaarschrift parkeerboete




Niet eens met een beslissing van de belastingdienst?



Dan kunt u bezwaar maken!


Bezwaarschrift belastingdienst.nl