Bezwaar maken hoe doe je dat?

Belastingen en erven hoe zit dat?




Als er iemand in uw familie of omgeving overlijdt, kunt u te maken krijgen met de Belastingdienst. Als u bijvoorbeeld erfgenaam bent, kan het zijn dat u de nalatenschap van de overledene moet afwikkelen.

 

Of u moet misschien successierecht betalen over wat u heeft geërfd. In deze brochure leest u over het erfrecht en over de mogelijke gevolgen van een overlijden voor de belasting.

 

Voor wie is deze informatie?

 

  • toekomstige erflaters
  • Erfgenamen





Toekomstige erflaters

 

Eens zal de tijd komen dat uw erfgenamen uw bezittingen krijgen. Als u geen testament heeft gemaakt, regelt het Burgerlijk Wetboek wie uw erfgenamen zijn. Ook regelt de wet dan hoe uw nalatenschap over de erfgenamen wordt verdeeld.

 

Als u wel een testament maakt, kunt u voor een deel afwijken van de regels die de wet geeft. Het is verstandig om op tijd na te denken over de vraag of u van deze regels wilt afwijken.


In hoofdstuk 2 kunt u hierover meer lezen. In paragraaf 3.3.2 wordt nader aangegeven wat de nalatenschap' is.


 

Erfgenamen

 

Wanneer iemand overlijdt, worden zijn bezittingen en schulden eigendom van de erfgenamen. Als de overledene geen testament heeft gemaakt, regelt het Burgerlijk Wetboek wie de erfgenamen zijn. In hoofdstuk 2 van deze brochure kunt u meer lezen over het erfrecht.

 

Als de overledene wel een testament heeft gemaakt, kan hij in het testament voor een deel zijn afgeweken van de regels die de wet geeft. Wanneer iemand in uw familie en/of omgeving overlijdt, kunt u met de Belastingdienst te maken krijgen in de volgende gevallen: Als u de belastingzaken van de overledene moet afwikkelen.

 

Als u voor uzelf aangifte inkomstenbelasting gaat doen. Als u successierecht moet betalen over uw verkrijging. In hoofdstuk 3 krijgt u informatie over deze gevallen. Als u erft, kunt u in hoofdstuk 4 lezen of en zo ja, hoeveel successierecht u moet betalen. In hoofdstuk 5 wordt beschreven hoe u aangifte moet doen en hoe u moet betalen.

 

De erflater

 

Bij overlijden gaat de nalatenschap van de erflater over op de erfgenamen. De erflater is degene die is overleden en enig bezit nalaat (nalatenschap). Als er geen testament is, regelt het Burgerlijk Wetboek wie de erfgenamen zijn. In dit hoofdstuk kunt u meer lezen over het erfrecht. Ook wordt in dit hoofdstuk aandacht besteed aan de mogelijkheid om de nalatenschap te verkleinen door het doen van schenkingen tijdens het leven. Voor meer informatie over erfrecht en schenkingen kunt u ook terecht bij de notaris. In hoofdstuk 4 kunt u lezen of uw erfgenamen successierecht moeten betalen (en zo ja, hoeveel).

 

Overlijden zonder testament

 

Wanneer iemand overlijdt zonder testament, regelt het Burgerlijk Wetboek wie de erfgenamen zijn. In zo'n geval kunnen alleen de echtgenoot/geregistreerd partner of de bloedverwanten erven. Bloedverwanten zijn ouders, grootouders, kinderen, kleinkinderen, broers, zusters, kinderen van broers of zusters, enzovoort. Mensen die via een huwelijk familie van de erflater zijn (zoals stiefkinderen, schoondochters, zwagers, enzovoort) zijn geen bloedverwanten. Zij zijn aanverwanten en kunnen alleen van de overledene erven als zij in een testament benoemd worden.

 

Het wettelijk erfrecht

 

Volgens het wettelijk erfrecht treedt, als de erflater geen testament heeft opgemaakt, de 'wettelijke verdeling' in werking: de langstlevende echtgenoot krijgt automatisch alle zaken en goederen en schulden van de overleden echtgenoot toebedeeld. De kinderen krijgen hun erfdeel niet in handen. Hun erfdeel wordt omgerekend in geld. Dit bedrag is pas opeisbaar bij het overlijden van de langstlevende ouder.

 

Wie wordt erfgenaam bij overlijden zonder testament?

 

Volgens de wet zijn de bloedverwanten in vier groepen verdeeld. De vier groepen bloedverwanten erven in volgorde van erfopvolging. Dat wil zeggen: bij overlijden erven eerst de bloedverwanten uit groep 1. Als die er niet zijn, komen de bloedverwanten uit groep 2 in aanmerking. Als die ook ontbreken, is groep 3 aan de beurt en dan groep 4. In principe krijgen de erfgenamen ieder een gelijk deel van de nalatenschap.



Binnen 5 minuten klaar! Download hier uw voorbeeld bezwaarschrift.

Voor welke type bezwaar kunt u deze gebruiken?

  • Bezwaarschrift omzet belasting
  • Bezwaarschrift kinderopvangtoeslag
  • Bezwaarschrift WOZ
  • Bezwaarschrift inkomstenbelasting
  • Bezwaarschrift navorderingsaanslag
  • Bezwaarschrift belastingdienst
  • Bezwaarschrift parkeerboete




Belasting en erven

De vier groepen bloedverwanten in volgorde van erfopvolging

 

  • Groep 1: echtgenoot/geregistreerd partner, kinderen De echtgenoot of de geregistreerde partner en de kinderen erven ieder een evenredig deel van de nalatenschap. Kleinkinderen erven als hun vader of moeder, die het kind van de erflater is, eerder is overleden dan de erflater. De kleinkinderen treden dan in de plaats van hun overleden ouder. Dit wordt plaatsvervulling genoemd.
  • Groep 2: ouders, broers, zusters, afstammelingen van broers en zusters in de rechte lijn Bij het ontbreken van personen uit groep 1 erven de ouders en broers en zusters ieder een evenredig deel. Ouders krijgen elk minimaal een kwart. De afstammelingen van broers en zusters erven door plaatsvervulling als hun vader of moeder, die een broer of zuster is van de erflater, eerder is overleden dan de erflater. Voor de halfbroers en -zusters geldt een afwijkende regeling. Zij erven de helft van wat broers en zusters erven.
  • Groep 3: grootouders
  • Bij het ontbreken van personen uit de groepen 1 en 2 erven de grootouders. Elke persoon krijgt een even groot deel. Ook hier is plaatsvervulling door afstammelingen toegestaan.
  • Groep 4: overgrootouders
  • Bij het ontbreken van personen uit de groepen 1, 2 en 3 erven de overgrootouders. Elke persoon krijgt een even groot deel. Ook hier is plaatsvervulling door afstammelingen toegestaan. De erfopvolging reikt niet verder dan de zesde graad. Verwanten verder dan de zesde graad erven niet. In zo'n geval krijgt de staat de nalatenschap.


Erfenis belasting

 

Als de overledene in gemeenschap van goederen was getrouwd en er geen testament is gemaakt, geldt dat de helft van het gemeenschappelijke erfenis het bezit is van de langstlevende echtgenoot. Van de andere helft van het gemeenschappelijke erfenis (de nalatenschap) erven zowel de langstlevende echtgenoot als de kinderen ieder een gelijk deel.

 

Let op!


Met echtgenoot wordt ook de geregistreerde partner bedoeld. Onder huwelijkse voorwaarden worden in

dat geval partnerschaps voorwaarden verstaan.


Voorbeeld 1

 

Een man die in gemeenschap van goederen is getrouwd overlijdt. Hij laat zijn vrouw en drie kinderen achter. Omdat hij in gemeenschap van goederen was getrouwd, is alles wat hij met zijn vrouw bezit van hen samen. Zijn nalatenschap bestaat dus alleen uit de helft van het gemeenschappelijke erfenis van beide echtgenoten. Het andere deel is van de vrouw. Vrouw en kinderen erven ieder 1/4 deel van het bezit van de man (dat is dus 1/8 deel van het gemeenschappelijke bezit). Het kan ook zijn dat de overledene niet in gemeenschap van goederen was getrouwd, maar op huwelijkse voorwaarden. De nalatenschap wordt dan gevormd door het privé-bezit van de overledene.

 

Voorbeeld 2

 

Een man die onder huwelijkse voorwaarden, en wel buiten iedere gemeenschap van goederen is getrouwd, overlijdt zonder dat hij een testament heeft gemaakt. Hij laat zijn vrouw en drie kinderen

achter. Zijn nalatenschap bestaat uit zijn privé erfenis. Ieder krijgt dan 1/4 deel van zijn nalatenschap.

 

Het is ook mogelijk dat de overledene onder bepaalde huwelijkse voorwaarden is getrouwd, zodat de overledene en de echtgenoot naast privé-bezit ook gemeenschappelijk bezit hadden. Zie het voorbeeld hierna.

 

Voorbeeld 3

 

Een man die onder bepaalde huwelijkse voorwaarden is getrouwd, overlijdt zonder testament. Hij laat zijn vrouw en drie kinderen achter.

 

Zijn nalatenschap bestaat uit zijn privé-bezit en de helft van het gemeenschappelijke bezit van hem en zijn vrouw. De vier erfgenamen krijgen ieder 1/4 deel van zijn privé-bezit en 1/8 deel van het gemeenschappelijke bezit. De helft van het gemeenschappelijke bezit behoorde immers al aan de echtgenote toe.

 




Niet eens met een beslissing van de belastingdienst?



Dan kunt u bezwaar maken!


Bezwaarschrift belastingdienst.nl